Zowel te kort als te lang slapen versnelt biologische veroudering

Kort slapen verhoogt het risico op systemische ontsteking, verminderde glucosetolerantie, een lagere activiteit van naturalkillercellen en slechtere afvoer van afvalstoffen uit de hersenen. Wie structureel lang slaapt, heeft vaak een onderliggend probleem. Dat is de kern van een nieuwe studie in Nature, onder leiding van het lab van Junhao Wen aan Columbia University.
De onderzoekers brachten slaapduur in kaart in relatie tot biologische veroudering in 17 orgaansystemen bij ruim een half miljoen volwassenen (37 tot 84 jaar) uit de UK Biobank. Daarvoor gebruikten ze 23 verouderingsklokken, opgebouwd uit MRI-scans, plasmaproteïnen en metabolieten. De langzaamste biologische veroudering werd gemeten bij een slaapduur tussen 6,4 en 7,8 uur per nacht. Consistent meer dan 8 à 9 uur slapen is een goed gedocumenteerde indicator van een onderliggende ziekte, geassocieerd met ernstige depressie, slaapapneu, hypothyreoïdie, chronische ontsteking en neurodegeneratieve aandoeningen. Bij structureel minder dan 6 uur slapen levert verlenging met 45 tot 90 minuten per nacht aantoonbare verbeteringen op in metabole en cardiovasculaire markers.
Bij dagelijks onverklaarbaar lang slapen (9 uur of meer) zonder uitgerust gevoel is aanvullend onderzoek aangewezen op: slaapapneu, TSH, vrij T4, ferritine, CRP, vitamine D, B12 en een screening op depressie. Ook is het raadzaam te controleren op medicijnen die de slaapbehoefte verhogen, zoals antihistaminica, gabapentinoïden, mirtazapine en bètablokkers.
Bronvermelding:
The MULTI Consortium, O’Toole, C.K., & et al. (2026). Sleep chart of biological ageing clocks in middle and late life. Nature.

Armelle Demmers
Armelle Demmers is klinisch epidemioloog, MSc. Ze helpt om goede keuzes te maken in het werkveld van complementaire zorg met de juiste kennis en voorlichting. Ze is onderzoeker bij het Homeopathy Research Institute (HRI).
