Met compassie voor jezelf zorgen

Door Karlien Bongers
Empathisch vermogen is deels genetisch bepaald en deels aangeleerd. Empathie wordt gezien als een belangrijke component van emotionele intelligentie (EQ), omdat je hierdoor niet alleen de wereld kunt bekijken vanuit het perspectief van de ander en begrijpen hoe iemand anders denkt maar ook kunt voelen wat de ander voelt. Uit onderzoek blijkt dat empathie een neurofysiologisch ingewikkeld proces is waarbij talrijke corticale en subcorticale hersengebieden een rol spelen, net als het autonome zenuwstelsel en diverse hormonale systemen. De basis van empathie ligt in het automatisch herkennen van emoties bij de ander. Zo kan een baby door ‘gezichten te lezen’ zijn vertrouwde zorggever herkennen en informatie krijgen over diens emoties en blijkt een mensenkind van tien weken al in staat om uitingen van angst, verdriet en blijdschap te imiteren. Vanaf een jaar of vier gaan kinderen zichzelf van anderen onderscheiden en ontstaat geleidelijk het vermogen om het perspectief van een ander te begrijpen. Belangrijk voor persoonlijk welzijn is dat iemand zijn eigen emoties leert reguleren en met name negatieve emoties leert moduleren. Zo blijken kinderen die goed kunnen focussen en bewust hun aandacht kunnen verplaatsen liefdevoller te worden bejegend. En hoewel voor een goede emotieregulatie een ontwikkeld brein nodig is, geven baby’s al vanaf een maand of drie blijk van enige emotiecontrole.1
Hoewel empathie een essentiële vaardigheid is in de interactie met anderen, leidt het niet per se tot hulpvaardig gedrag. Als we tijdsdruk ervaren of van slag raken door wat we voelen, hebben we de neiging om ons af te keren van wat we zien.
Lees het gehele artikel vanaf pagina 38 in het VNIG 3/21.
Bronvermelding:
Bronvermelding:
1. Decety J. The neurodevelopment of empathy in humans. Dev Neurosci. 2010;32(4):257-267. doi: 10.1159/000317771.
2. Epstein RM, Franks P, Shields CG, Meldrum SC, Miller KN, Campbell TL, Fiscella K. Patient-Centered Communication and Diagnostic Testing. Ann Fam Med. 2005; 3:415-421. doi: 10.1370/afm.348.
3. Klimecki OM, Leiberg S, Ricard M, Singer T. Differential pattern of functional brain plasticity after compassion and empathy training. Soc Cogn Affect Neurosci. 2014;9(6):873-879. doi: 10.1093/scan/nst060.
4. Fredrickson BL, Cohn MA, Coffey KA, Pek J, Finkel SM. Open hearts build lives: positive emotions, induced through loving-kindness meditation, build consequential personal resources. J Pers Soc Psychol. 2008;95(5):1045-1062. doi: 10.1037/a0013262.
5. Cahn BR, Polich J. Meditation states and traits: EEG, ERP, and neuroimaging studies. Psychol Bull. 2006 Mar;132(2):180-211. doi: 10.1037/0033-2909.132.2.180.
6. Marshall SL, Ciarrochi J, Parker PD, Sahdra BK. Is Self-Compassion Selfish? The Development of Self-Compassion, Empathy, and Prosocial Behavior in Adolescence. J Res Adolesc. 2020 Feb;30 Suppl 2:472-484. doi: 10.1111/jora.12492.
7. Goleman D, Davidson R. Meditatie. De blijvende effecten op lichaam, geest en hersenen. Atlas Contact. 2017. Amsterdam: Olympus. ISBN: 9789046707289
8. Neff KD, Kirkpatrick KL, Rude SS. Self-compassion and adaptive psychological functioning. Journal of Research in Personality. 2007;41(1), 139-154. doi: 10.1016/j.jrp.2006.03.004.
9. Tóth-Király I, Neff KD. Is Self-Compassion Universal? Support for the Measurement Invariance of the Self-Compassion Scale Across Populations. Assessment. 2021;28(1):169-185. doi: 10.1177/1073191120926232.
10. Neff KD, Knox, MC, Long, P, Gregory K. Caring for others without losing yourself: An adaptation of the Mindful Self-Compassion Program for Healthcare Communities. Journal of Clinical Psychology. 2020;76, 1543–1562. doi: 10.1002/jclp.23007.

Karlien Bongers
is chirurg (niet-praktiserend) en specialist Integrative Medicine. Ze heeft een eigen coachings- en adviespraktijk en is hoofddocent van de tweejarige STIBIG post-hbo-opleiding tot Integrative Medicine zorgverlener.

